Samen verbeelden we de ruimte

Burgers betrekken bij ruimtelijke uitdagingen in Vlaanderen

Hoe vergroot je de betrokkenheid van burgers bij de transitie naar duurzaam ruimtegebruik? Met deze vraag als startpunt lanceerde het Departement Omgeving in 2021 een projectoproep. Vier jaar later zijn de vijf projecten afgerond. Welke lessen kwamen hieruit voort? Tijd om stil te staan bij de resultaten en inzichten. 

Door Andreas De Mesmaeker

Op naar duurzaam ruimtegebruik

De manier waarop we in Vlaanderen leven, heeft een impact op het ruimtegebruik. Al onze menselijke activiteiten – zoals wonen, werken, verplaatsen, ontspannen – nemen fysieke ruimte in. Maar de ruimte in Vlaanderen is eindig. Om onze open ruimte te vrijwaren, moeten we zuiniger en efficiënter omgaan met de ruimte die reeds is ingenomen. Ruimtelijk planners en stedenbouwkundigen weten dit al sinds decennia, maar als we willen dat er écht iets verandert, is het van belang om iedereen mee te hebben. Daarom lanceerde het Departement Omgeving eind 2021 de projectoproep ‘Samen verbeelden we de ruimte’, met als doelstelling om burgers te betrekken bij de manier waarop we in Vlaanderen de ruimte gebruiken én om het draagvlak voor duurzaam ruimtegebruik te vergroten.

Vijf projecten weren geselecteerd, waaronder ook ‘Ruimtehelden’, onze participatieve en educatieve toolbox om jonge tieners te betrekken bij duurzaam ruimtegebruik. Nu alle projecten afgerond zijn, kunnen we terugblikken op de inzichten en geleerde lessen. 

Burgers als voortrekkers van een duurzame, inclusieve leefomgeving

Een eerste belangrijke kwestie is: wat is de meerwaarde om burgers en jongeren te betrekken bij de transitie naar duurzaam ruimtegebruik? De verschillende projecten brachten heel wat voordelen naar voren: voor de betrokken jongeren en volwassen, voor beleidsmakers en ontwerpers, en voor de maatschappij in haar geheel.

Burgers – en in het bijzonder kinderen en jongeren – zijn ervaringsdeskundigen op vlak van ruimte en verplaatsingen. Zij kennen hun sociaalruimtelijke noden en wensen het best, en weten als geen ander welke plekken er nodig zijn om elkaar te ontmoeten, om plezier te maken, om je veilig te voelen, enzovoort. Met deze kennis kunnen planners en beleidsmakers veel gerichter werk maken van een duurzame leefomgeving op maat van iedereen. Kinderen en jongeren bedenken bovendien vaak creatieve, frisse ideeën voor ruimtelijke vraagstukken. Zij bekijken de ruimte vanuit een holistische bril en ontwerpen met een sterk empathisch vermogen. Zonder dat ze er expliciet de opdracht voor krijgen, koppelen kinderen en jongeren vaak verschillende ruimtelijke functies zoals biodiversiteit, water, ontmoeting en spel aan eenzelfde plek én houden ze rekening met de ruimtelijke noden van verschillende leeftijden en doelgroepen.

Daarnaast zijn er ook heel wat maatschappelijke voordelen. Burgers actief betrekken maakt de complexe uitdaging van duurzaam ruimtegebruik duidelijk en tastbaar, zodat iedereen ‘mee’ is: een verhoogd draagvlak voor ruimtelijke veranderingen.

Ook voor de betrokken burgers en jongeren zelf is meedenken over duurzame ruimte een verrijking. Je krijgt kennis mee en ontwikkelt vaardigheden die je ook in andere situaties kan inzetten zoals samenwerken, in dialoog gaan, oplossingen bedenken, ideeën overbrengen…

Het betrekken van burgers bij de ruimtelijke transitie is brengt dus zowel fysieke als mentale verandering teweeg. Onze leefomgeving wordt niet alleen duurzamer en beter afgestemd op de noden van iedereen, het proces zorgt ook voor bewustwording, verhoogt het empathisch vermogen en de maatschappelijke betrokkenheid.

Hoe betrek je burgers bij deze complexe uitdaging?

We weten nu waarom het belangrijk is om iedereen mee te hebben in de transitie naar duurzaam ruimtegebruik. Maar hoe betrek je jongeren en volwassenen op een actieve, kwaliteitsvolle manier bij deze complexe uitdaging? Met welke randvoorwaarden moet je rekening houden?

Een belangrijk aandachtspunt is het begrijpelijk maken van de complexiteit van duurzaam ruimtegebruik. De projecten Ruimtehelden en Wij zijn ruimte hebben aangetoond wat de meerwaarde is van educatie bij participatie rond duurzaam ruimtegebruik. Pas wanneer je de uitdaging kent, kan je er eventuele oplossingen voor bedenken. Dit geldt voor kinderen en jongeren, maar evengoed voor volwassenen. Je hebt een zekere basiskennis nodig om op een impactvolle manier aan participatie te kunnen doen. Daarbij creëer je betrokkenheid en motivatie door te vetrekken vanuit de eigen leefwereld: voor kinderen en jongeren bijvoorbeeld zijn ruimte om elkaar te ontmoeten, om te spelen, groene ruimte, maar ook mobiliteit, voorzieningen en wonen herkenbare thema’s. Verschillende educatieve opdrachten zoals de Water- en temperatuurproef van Ruimtehelden of de proefjes van Wij zijn ruimte zijn een ideaal vertrekpunt om het thema duurzaam ruimtegebruik op een speelse en laagdrempelige manier te verkennen.

Een tweede belangrijk aandachtspunt is om te werken rond een lokale ruimtelijke plek of site. Door te vertrekken van een gekende plek, wordt duurzaam ruimtegebruik concreet en tastbaar. Een ontwerpdracht kan dus gaan over het marktplein in de gemeente of over de straat van de school. Denk bijvoorbeeld aan het klimaatbestendiger maken van het marktplein, of nadenken hoe de schoolomgeving veiliger kan worden voor voetgangers en fietsers. Met de mobiele applicatie YET kunnen kinderen en jongeren zelf voorstellen uitwerken voor een publieke ruime in hun buurt. Vaak leeft er ook al heel wat bij bewoners zelf en nemen ze bijvoorbeeld zelf al initiatief op vlak van het energiezuinig maken van hun woning, of het ontharden van hun (voor)tuin. Daar kan je als beleidsmaker of planner op inhaken en die initiatieven koppelen aan lokale beleidsdoelstellingen. Dit was onder andere de manier waarop Intercommunale Leiedal, Universiteit Hasselt, Avansa Mid- en Zuidwest en Howest het project ‘Van vraagvlak naar draagvlak’ vorm gaven.

Belang van een brede blik

Een duurzame leefomgeving houdt rekening met de uiteenlopende noden van verschillende ruimtegebruikers. Als beleidsmaker en ruimtelijk planner doe je dat door rechtstreeks met kinderen, jongeren en volwassenen in gesprek te gaan en om hen die ruimte mee te laten vormgeven. Maar hoe nodig je burgers uit om de ruimtelijke uitdagingen ook vanuit het perspectief van anderen te bekijken? Zoals gezegd doen kinderen en jongeren dat eigenlijk op een heel spontane manier. Zeker jonge kinderen leven zich makkelijk in in de ruimtelijke noden van andere (leeftijds)groepen, en ze geven ook vaak bewust expliciet ruimte aan dieren en planten. Bij jongeren en volwassenen staat het inzichtelijk maken van de uitdaging vaak voorop: een duurzame ruimte is een ruimte die toebehoort aan verschillende gebruikers (al dan niet op verschillende tijdstippen). Methodieken zoals een rollenspel, inlevingsoefening of interview kunnen helpen om het perspectief van anderen in te nemen. Een mooi voorbeeld hiervan vind je terug in de ‘Buurtsafari’ van het project Wij zijn ruimte en de ‘Clash’ tussen ouderen en hangjongeren van het project Inclusief de ruimte verbeelden.


‘Samen verbeelden we de ruimte’ was een projectoproep van de Vlaamse Overheid, Departement Omgeving. Een overzicht van de doelstellingen van deze projectoproep en van de geselecteerde projecten kan je terugvinden op deze website.            

Geef een reactie

Welkom

Dit is het Magazine van Kind & Samenleving. Het komt drie keer per jaar online. Veel leesplezier!

Lees over onze thema’s

Ontdek meer van Kind & Samenleving Magazine

Abonneer je nu om meer te lezen en toegang te krijgen tot het volledige archief.

Lees verder