Een woonstraat op kindermaat

De straat bij hun huis is vaak dé ruimte waar kinderen voor het eerst in contact komen met hun buurt en met het publieke leven. Hier moeten ze de kans krijgen om te leren stappen, steppen, fietsen, lopen – en om elkaar te ontmoeten. Hoe ontwerp je een straat die dat ook mogelijk maakt? Deze vijf gedegen ideeën en voorbeelden wachten op een bredere toepassing.

Door Francis Vaningelgem

1. Ademruimte voor kinderen

Aldo van Eyck (1918 – 1999) was een Nederlandse architect die ook speelterreinen en schoolspeelplaatsen ontwierp. Hij zag in dat stoepen, hoekpleintjes en straten ideale speelruimten kunnen zijn voor kinderen. Hij verbreedde hoeken en stoepen om hen zo meer ‘ademruimte’ te geven. Daarop plaatste hij eenvoudige speeltoestellen en speelaanleidingen. Een dergelijke aanpak zorgt ervoor dat kinderen een duidelijke plaats hebben in het straatbeeld. Dit deed hij bijvoorbeeld in de Van Boetselaerestraat in Amsterdam.

Op de foto is duidelijk te zien dat er geen afsluiting is tussen de speelstoep met toestellen en de rijweg. Door onze huidig veiligheidsdenken (‘Er mag toch geen bal op straat rollen’) en het overaanbod aan snel verkeer is dit haast ondenkbaar geworden. In autoluwe, autovrije zones is zoiets natuurlijk haalbaarder.

In het verlengde van Van Eycks visie op spelen langs straten, liggen de tien ontwerptips van het Team Brusselse Bouwmeester om een gewone straat meer op mensenmaat te maken. In deze tips schuilen heel wat ideeën die kinderen en jongeren een betere actieradius kunnen bieden. Die staat immer sterk onder druk en is een belangrijke voorwaarde om van kindgerichte straten te kunnen spreken.

Verschillende ingrepen zorgen voor een aangenamere straat. Beeld Team BMA

2.Sterk vertraagd verkeer

(Deels) autovrije woonstraten zijn ideaal om kinderen hun eerste stappen buitenshuis op een veilige manier te laten zetten. Een snelheidsregime van 20 km/u, een woonerf-inrichting en het weren van doorgaand verkeer zijn basisprincipes waar altijd naar gestreefd zou moeten worden. Een woonstraat op kindermaat geeft ook grotere kinderen en tieners de ruimte om bijvoorbeeld te (leren) fietsen. Het is in de woonstraat dat kinderen hun fietsvaardigheden voor het eerst gebruiken. Fietsberaad kwam in 2018 met het plan om werk te maken van ‘Fix the Mix’. Dit is een concrete aanpak om gemeenten keuzes te laten maken die leiden tot veilige, gezonde en sociale wijken waar het ook fijn fietsen is. Ook hier vormen het verlagen van de snelheid en het weren van doorgaand verkeer de rode draad.

Een recent heraangelegd woonerf in Mortsel, met ruimte voor ontmoeting. Door een duidelijke asverschuiving en een ontmoetingsplek wordt de straat een meer aangename ruimte. Foto K&S.

3.Meer groen en blauw op straat

Het vergroenen en verblauwen van onze woonstraten, door meer natuur en een betere waterinfiltratie te voorzien, komt het woonklimaat sowieso ten goede. Verschillende aspecten zijn voor kinderen een meerwaarde: ze komen meer in aanraking met de natuur, een zachtere en groene woonomgeving zorgt voor rust, speelse aanleidingen kunnen gecombineerd worden met groen en water, je krijgt een gezondere publieke ruimte, minder warme straten en meer schaduwrijke ruimten in de zomer, rijkere fauna en flora …  Dit kan al via kleine ingrepen in de straat, maar op een grotere schaal heb je natuurlijk meer effect. Zo is de duurzame woonwijk Tivoli in Laken een goed voorbeeld van hoe er op een grotere schaal aandacht gaat naar meer groen in de woonstraten, op hoekjes en pleintjes, dankzij het behoud van waardevolle bomen, speelaanleidingen in het groen, een waterdoorlaatbare ondergrond, groene pleinen en brede zonnestoepen …

Beeld: http://www.slrb.irisnet.be/

4.Van leefstraten naar leefbare straten

Al in de jaren 70 ontstonden speelstraten om kinderen tijdelijk meer ruimte te geven in de straat. De huidige trend om leefstraten, woonstraten en toekomststraten in te richten, is hier duidelijk een vervolg op. Deze initiatieven worden vaak ontwikkeld tijdens zomervakanties of minder drukke periodes. Ze zijn ideaal om inrichtingen te testen en om kinderen te laten spelen, fietsen, rondhangen. We mogen echter niet alle heil verwachten van tijdelijke initiatieven. Wanneer ze verdwijnen (bijvoorbeeld in september, bij aanvang van de school) en de drukte weer begint, moeten kinderen nog altijd veilig alleen op pad kunnen gaan. Ook bij Gehl architecten, de pioniers  van steden op mensenmaat, besteden ze hier ruim aandacht aan: in de studie ‘Adaptive streets’ komen verschillende voorstellen aan bod om straten mensvriendelijker en dus kindvriendelijker te maken.

Beeld uit Adaptive Streets, Gehl 2014.
Beeld uit Adaptive Streets, Gehl 2014.

5.Vraag het de kinderen

Last but not least is het noodzakelijk om kinderen te betrekken bij inrichting van de woonstraat. Op die manier kunnen we te weten komen hoe kinderen de woonstraat gebruiken en beleven. Vragen die gesteld kunnen worden zijn: hoe ervaren zij de straat? Wat zijn voor hen de pijnpunten? Wat kan beter? Ook ontwerpopties en ontwerpideeën kunnen samen met hen besproken worden. De inrichting van straten is complex, en kinderen zijn daarin geen ‘experten’, maar het is wel belangrijk om met hun kijk op de publieke ruimte aan de slag te gaan.


Leestips

Aldo van Eyck, de speelplaatsen en de stad, NAi Uitgeverij Rotterdam,2002.


[Espace-publiek], bouwmeester maître architecte, Brussel, 2019.  https://bma.brussels/nl/2019/06/18/espace-%C2%B7-publiek-2/


Urban Street Design Guide – Island Press, 2013.


Een KiSS voor Childstreet, een verkenning van de kindvriendelijke straat, The international Institute for Urban environment, Delft, 2006.   http://woonerfgoed.nl/bnl/Kindvriendelijk_files/Een_KiSS_voor_Childstreet.pdf


Handboek ontwerpen voor kinderen, CROW,2000.


Rapport Fix the mix, Fietsberaad Vlaanderen, Brussel. 2018.


Verooover de straat, Kind & Samenleving.


Geef een reactie

Welkom

Dit is het Magazine van Kind & Samenleving. Het komt drie keer per jaar online. Veel leesplezier!

Lees over onze thema’s

Ook interessant
De maakbare wereld
%d bloggers liken dit: